Door Albert Waterhondt

Hij werd een heel braaf jongetje. Zijn moeder kleedde hem aan als Little Lord Fauntleroy, inclusief fluweel en kanten kraag. Zij borstelde altoos zijn lokken. Totdat  ze bij de kruidenier complimenten kreeg over haar schattige dochtertje. De lokken gingen eraf en voortaan moest zijn steile haar altijd kort en hoog geknipt worden. Op het gelovige Katwijkse strand zocht hij braaf schelpjes en huilde als een jongetje op zijn vlieger ging zitten. Een heel normale jongen in calvinistische kringen. Het zal dus niet verbazen dat hij al na een enkele dag openbare kleuterschool, geheel doorgebracht onder een tafeltje, voorgoed van die school werd gehaald. Zijn moeder ving hem goed op door hem permanent thuis te houden alwaar ze hem alle hoofdletters  leerde uit het gereformeerde dagblad De Standaard. Hij legde ze met stokjes uit op de grond, zoals altijd luisterend naar de Johannes de Heer en de Kleppermars. Zo gaf ze hem een vliegende start op de lagere school Met Den Bijbel. Hij behaalde mooie cijfers in de eerste klas. Zijn  hoogste cijfers waren die voor verzuimen. Een keer zelfs 86 dagen in één kwartaal. Iemand van nu zou kunnen denken dat die een groter aantal beliepen dan  het aantal beschikbare  schooldagen. Toch klopt het, want in die tijd ging men ook op zaterdag naar school.

(wordt vervolgd)

Print Friendly, PDF & Email
Deel dit artikel
  •  
  •  
  •  
  •  
  •